De Hygiënecode voor de Brood- en Banketbakkerij 2008 treedt in februari 2009 in werking. De voorwaarden voor het gebruik van een IR (infrarood) thermometer zijn wat versoepeld, reden om deze wijze van temperatuurmeten nog eens te belichten.
Insteekmeting
Temperatuurcontrole moét gewoon, een voedselthermometer is dan ook verplicht. Met een insteekthermometer meet je het meest nauwkeurig. Je moet dan wel insteken, nadeel kan de beschadiging zijn én de meting duurt heel even. En, als de voeler niet goed schoon is bestaat de kans op kruisbesmetting.
IR-meting
Deze nadelen kent een IR-meting niet. Deze contactloze (optische) meting is snel maar nooit zo nauwkeurig. Bovendien meet je altijd het oppervlak en nooit de kern van het product. Ook is het heel belangrijk te weten dat een glinsterende of reflecterende verpakking (rvs, blister, laagje ijs), een koude omgeving tot grote meetfouten leidt. Ook het meten van luchttemperatuur is onmogelijk.
De IR-meting is zeer geschikt voor snelle ingangscontrole. Bedenk echter dat de meting al snel onbetrouwbaar is wanneer de genoemde punten niet in acht genomen worden.